Communicatie is ons zo vertrouwd dat we
zelden stilstaan bij de vraag waarom en hoe we communiceren.
Communicatie mag pas zo genoemd worden
als op de boodschappen die je uitzend een reactie komt. Anders ben je aan het
informeren. Veel mensen maken zich drukker over de formulering van de
boodschap, dan over het feit of die ook ontvangen en begrepen wordt. Wie
effectief wil communiceren moet zich in zijn doelgroepen verplaatsen en
vanuit die positie de boodschap (her-)schrijven. (Brandsma)
►Communiceren Ons hele leven lijkt in het teken te
staan van het uitwisselen van informatie aan elkaar. We praten met elkaar,
schrijven brieven, lezen kranten en boeken. Je kunt het zo gek niet
bedenken of we zijn op de een of andere manier wel bezig met communicatie,
dat wil zeggen met het uitwisselen van informatie. Daarbij kunnen we
actief zijn als zender van de informatie, maar vaak zijn we slechts de
passieve ontvanger van de informatie die anderen op ons afsturen. Voor een
groot deel verloopt deze communicatie ook eenzijdig, zoals bij het kijken
naar de TV of het lezen van de krant. De zender-op-afstand maakt dan
gebruik van een audiovisueel hulpmiddel om zijn bericht aan ons door te
geven.
Deze informatie gaat
echter over communicatie waarbij sprake is van direct contact tussen de
gesprekspartners en er een wisselwerking tussen zender en ontvanger bestaat.
De ontvanger reageert op het bericht van de zender door een bericht terug te
zenden. Zender en ontvanger wisselen daarbij steeds van rol in een doorgaans
levendig geheel van interacties. Deze interacties hebben niet alleen
betrekking op het onder- werp van gesprek. We laten elkaar in een gesprek ook
voortdurend blijken wat we van elkaar willen en verwachten en of we elkaar
aardig of juist niet aardig vinden. Voor het gespreksonderwerp gebruiken we
vooral de communicatie met woorden (verbale communicatie). Onze onderlinge
betrekkingen regelen we met name door middel van onze lichaamstaal (non-verbale
communicatie). In een gesprek worden op hetzelfde moment dus diverse
boodschappen tegelijkertijd uitgezonden.
Per dag ontvangen we miljarden signalen. In de
eerste plaats krijgen we voortdurend prikkels uit ons eigen lichaam, zoals
genotsprikkels, prikkels over behoeften als honger, dorst en slaap, maar
soms ook noodsignalen als misselijkheid, pijn en koorts. Behalve dat we
informatie ontvangen sturen wij zelf de hele dag boodchappen de wereld in.
Ons uiterlijk, ons gedrag ons hele bestaan is immers weer een bron van
informatie voor anderen. Om te voorkomen dat we omkomen in al deze
informatie, verwerken wij vrijwel de meeste informatie onbewust. Slechts
een fractie van alle informatie dringt tot ons bewustzijn door. Deze
ogenschijnlijke nogal slordige manier van werken, levert doorgaans weinig
problemen op. De meeste informatie is of vrij onbelangrijk of snel verwerkt.
De meest relevante berichten halen we eruit op grond van onze ervaringen,
omdat ze opvallend zijn verpakt of zo vaak worden herhaald, dat ze toch wel
overkomen. Dat geldt ook voor de informatie die we aan elkaar overdragen
door middel van communicatie. We zijn zo druk in de weer met communiceren
dat het, net als ademhalen, vrijwel vanzelf gaat. Toch zijn we prima in
staat de voor ons belangrijke informatie eruit te halen, maar ook om vooral
die informatie naar anderen te sturen die onze eigen belangen het beste
behartigt. Het feit dat we als mens zo druk bezig zijn met communicatie
heeft enkele belangrijke redenen. Communicatie is in de eerste plaats het
middel bij uitstek voor de behartiging van onze individuele en
groepsbelangen. In principe gaat dat op basis van samenwerking, maar soms
is er sprake van tegengestelde belangen en concurentie. Communicatie
reguleert daarbij de manier waarop we met elkaar omgaan. Communicatie is
bovendien de basis voor ons vermogen tot begripsvorming en redeneren.
►
Luisteren Goed,
actief, luisteren betekent dat je hoort wat
iemand vertelt. Je kunt heel goed horen wat iemand vertelt en
tegelijkertijd toch niet goed luisteren.Horen wat iemand zegt, wil alleen
maar zeggen dat men de verbale informatie die verstrekt wordt in je
opneemt.De communicatie blijft daarbij eenzijdig, als ontvanger speel je
nauwelijks een rol. Je luistert dan passief en laat geen aandacht blijken
voor het verhaal. Dit ontbreken van
feedback
ervaart men in elk geval als
gebrek aan belangstelling en vaak ook als een persoonlijke afwijzing. Het
gesprek wordt daardoor ondoelmatig en krijgt vaak ook een onaangenaam
karakter. Met een
samenvatting controleer je of je goed
hebt begrepen wat de persoon wilde zeggen en of je goed begrepen hebt wat
er gezegd is. Zonodig kan de samenvatting gecorrigeerd of aangevuld worden
en door de uitnodigende vraag:"Klopt het zover?" of "Heeft u hier nog iets
aan toe te voegen" te laten volgen. Voor de duidelijkheid is het handig om
van te voren aan te kondigen dat je even de opsomming van de hoofdpunten
die in het gesprek naar voren zijn gebracht wilt samenvatten.
Wanneer je
steunend
luistert, moedig je door je manier van aandacht geven
iemand aan om op zijn eigen manier zijn verhaal te vertellen. Tijdens het
luisteren richt je je zowel op de inhoud als op de emotionele onderstroom
en betrekkingaspecten van het verhaal om een zo volledig mogelijk beeld te
krijgen.
Sturend of gericht
luisteren is wanneer je je richt op het verkrijgen van bepaalde informatie. Ruis kan
optreden doordat er iets niet goed is met de communicatiekanalen,
bijvoorbeeld een stoornis in een van de zintuigen, een krakende
telefoonlijn of een onduidelijk handschrift van de zender. Het juiste
begrip van de overgebrachte informatie kan ook worden belemmerd door
interne factoren bij de ontvanger. Dit wordt interne ruis genoemd.
De ontvanger kan bijvoorbeeld onjuiste verwachtingen hebben met betrekking
tot de boodschap, geëmotioneerd zijn of te weinig voorkennis hebben over
het onderwerp. Hij kan ook afgeleid zijn door zijn eigen gedachten.
Empathisch luisteren is vooral
willen begrijpen wat de ander bedoelt, m.a.w. in de huid en de
belevingswereld van de ander kruipen. Luisteren is méér dan horen wat er
wordt gezegd. Actief
luisteren is de techniek waarmee je jouw betrokkenheid, aandacht en interesse
toont voor de ander. Samen heeft empathisch en actief luisteren dus alles
te maken met inleven, begrip tonen, je verplaatsen, meedenken, maar ook:
kijken naar lichaamstaal, doorvragen, terugkoppelen, herhalen en
uiteindelijk helpen bij het vormen van een mening.
In verschillende sectoren van de
hulpverlening neemt het probleemverhelderende gesprek een
voorname plaats in. Het probleemverhelderende gesprek heeft als doel
inzicht te krijgen in alle aspecten die bij een probleem van een patiënt/cliënt
of vertegenwoordiger een rol spelen. Daarbij gaat het zeker niet alleen om
een feitelijke beschrijving van het probleem, maar ook om de opvattingen en
gevoelens die de desbetreffende persoon heeft over het probleem. Als
leidraad kan onderstaand schema helpen:
1. Algemene Informatie:
Vaak is de informatie al van te voren bekend en hoeft dan in een gesprek
niet gevraagd worden (zoals naam, geboortedatum, overige personalia,
verwijzingen e.d.)
2. De reden van komst en gesprek:
Waarom dit gesprek, waarom praat je nu met hem/haar? Wat
wil de persoon met het gesprek bereiken? Wat denk je zelf hiermee te
bereiken?
3. De aard en ernst van het probleem: Wat
is er precies aan de hand? Hoe ernstig/belemmerend is dit voor de
desbetreffende persoon? Welke andere personen zijn bij dit probleem
betrokken en wat betekent dit probleem voor hen?
4. Tijdsverloop: Wanneer is het probleem
begonnen? Hoe is het sinds het begin verlopen?
5. Invloeden en situatie: In welke
situatie trad het probleem voor het eerst op? Hoe is dat nu? Waardoor en
in welke situaties wordt het probleem erger, minder erg of zich
niet voordoet?
6. Eigen inzichten, opvattingen en gevoelens:
Hoe staat de persoon zelf tegenover dit probleem?
Wat zijn zijn opvattingen over de oorzaak en achtergronden en wat zijn
zijn gevoelens hierbij?
7. Oplossingen: Wat is er tot nu toe met
het probleem gedaan? wat heeft de persoon er zelf aan gedaan? Wat waren
de effecten van deze oplossingen?
8. Toekomst: Hoe denkt de persoon over
het verdere beloop? Wat zijn diens verwachtingen en wensen? Wat verwacht
de persoon van jou?
9. Afsluiting: Ga na of je het verhaal
goed begrepen hebt. Geef een samenvatting van de hoofdpunten. Geef de
persoon de gelegenheid te reageren, om iets toe te kunnen voegen . Geef
aan wat er na het gesprek met de informatie gaat gebeuren en maak
eventueel een vervolg afspraak. Bevestig het goede onderlinge contact,
zodat dit de basis is voor een vervolggesprek. Vaak is het verstandig om
na het formele gesprek nog een nagesprekje te houden, waarbij de persoon
nog iets persoonlijks kwijt kan.
►
Vragenstellen
De beste manier om iemand te laten
blijken dat hij goed luistert is door de juiste
vragen te stellen. Goede vragen stellen is een hele kunst. Wanneer de
vragen aansluiten bij het verhaal van de verteller laat je aan hem merken
dat je het verhaal volgt. De persoon voelt zich dan begrepen. De inhoud
van de vragen moeten dus binnen het verloop van het gesprek passen en mag
er niet toe leiden dat het gesprek van de hak op de tak springt. De vraag
moet ook zo worden gesteld dat het onderwerp duidelijk is. Je let daar bij
niet alleen op het woordgebruik, maar ook op de zinsconstructie. Sommige
mensen zijn geneigd zich wat onduidelijk, abstract of vaag uit te drukken,
zeker aan het begin van een gesprek. Om een goed beeld te krijgen van wat
er precies speelt, is het dan nodig om naar meer concrete feiten, meningen,
gevoelens of gedrag te vragen.
►
Informeren Patiëntenvoorlichting kan bedoeld zijn om iemand te laten
begrijpen wat er aan de hand is of wat er gaat gebeuren. Het geven van
uitleg is wettelijk verplicht volgens de Wet op de Geneeskundige
BehandelingsOvereenkomst. Goede informatie is echter ook
belangrijk om de cliënt en vertegenwoordiger zo goed mogelijk
mentaal voor te bereiden op de dingen die gaan komen. Afhankelijk van het
doel van de voorlichting kunnen ook andere activiteiten worden ondernomen,
zoals overtuigen, adviseren, steun bieden of begeleiden.
Het is van belang dat de persoon de uitleg
hoort
en hiervoor openstaat
en dat de persoon
de informatie verwerkt, dus begrijpt,
onthoudt, beoordeelt
en aanvaardt.
Om de uitleg/ informatie zo begrijpelijk mogelijk te laten zijn, kan men
gebruik maken van onderstaande richtlijnen:
- Zorg voor overzicht.
- Wees duidelijk en concreet
- Houd de uitleg simpel door overbodige informatie uit
de uitleg te schrappen
- Geef de persoon tussendoor voldoende tijd om alle
informatie te verwerken
- Gebruik ondersteunend materiaal waardoor de persoon
de uitleg naderhand ook nog eens kan nalezen en daardoor tevens beter kan
onthouden
►
Emoties De begrippen emoties en gevoelens worden vaak door
elkaar gehaald. Gevoelens
zijn alle ervaringen die een prikkel tot actie betekenen en kunnen
lichamelijke sensaties betreffen, zoals: warmte, kou, jeuk, pijn of honger,
maar ook waardering van een bepaald verschijnsel, een persoon of een
situatie (verbazing, nieuwsgierigheid). Emoties
ontstaan in de eerste plaats in situaties waarbij de belangen van de
individu in het geding zijn, zoals o.a. bij: woede, verdriet, angst,
schuldgevoelens, wantrouwen, machteloosheid en actiebereidheid. Emoties
spelen een belangrijke rol bij het streven naar de vervulling van onze
behoeften door middel van communicatie. Emoties zijn realiteit en dienen
serieus genomen te worden, omdat emotie niet alleen voor dat moment als
werkelijk wordt ervaren, maar zelfs ook als tijdloos. De steun (aandacht,
betrokkenheid) van de sociale omgeving is hierbij van grote waarde. Aandacht voor iemands emoties geeft in twee opzichten een postief
resultaat. Ten eerste stimuleert deze aandacht het (her) beleven en
bevordert daardoor de verwerking van de emotie. Ten tweede komt de aandacht tegemoet aan
de sociale behoeften aan verbondenheid en erkenning van de autonomie en
bevordert de kwaliteit van het onderlinge contact. Betrokkenheid is wel omschreven als het vermogen om zich te verplaatsen in
de wereld van de ander, de ander daardoor te kunnen begrijpen en dit
begrip ook aan de ander te laten blijken (Egan,1990)
►
Miscommunicatie Stoornissen in de communicatie komen regelmatig
voor en hoeven op zich geen probleem te vormen, mits men weet hoe deze
stoornissen te verhelpen zijn. Een constructieve aanpak bereikt men, door actief te
luisteren (om eerst het standpunt van de persoon helder te krijgen en
bovendien eventueel hoog opgelopen emoties tot bedaren te krijgen)
vervolgens door het zoeken van oplossingen (door te onderhandelen totdat
er voor beiden partijen een aanvaardbare oplossing is bereikt).
Miscommunicatie met hulpverleners is een probleem voor de cliënten, de
vertegenwoordigers, én voor de hulpverleners zelf. Het gaat over miscommunicatie en
verkeerde of geen aansluiting vinden tussen de cliënt en de naasten aan de
ene kant en de hulpverleners aan de andere kant. Cliënt en naasten voelen dat
hulpverleners zich niet echt verdiepen in hun beleving en problemen. In dit
probleemveld vallen ook de misverstanden in de communicatie tussen
hulpverleners en allochtone cliënten en mantelzorger(s) die deels met taal,
deels met cultuur te maken hebben. En ten slotte hebben cliënten en
vertegenwoordigers er last van dat hulpverleners onvoldoende doorverwijzen of
samenwerken bij het oplossen van hun problemen.
Signalen
- Het klikt niet tussen de hulpverlener en de
cliënt/vertegenwoordiger
- De hulpverlener sluit niet aan op de culturele
achtergrond en voorkeuren van cliënt en vertegenwoordiger(s) en onderkent
onderliggende vragen niet
- De hulpverlener biedt geen oplossing voor de
problemen en vragen van de cliënt/vertegenwoordiger
- Hulpverleners weten niet van elkaar wie wat doet
- Hulpverleners stellen steeds dezelfde vragen aan
de cliënt of de vertegenwoordiger
- Hulpverleners verwijzen niet of niet adequaat
naar elkaar
Praktische
oplossingen
In het kader van het Landelijk Dementieprogramma
heeft NIZW Zorg een werkboek ontwikkeld. Dit werkboek geeft meer uitgebreide
informatie over problemen en effecten, oplossingen en praktijkvoorbeelden. De inhoud van dit werkboek is geschikt voor alle cliënten, de
vertegenwoordigers, én voor de hulpverleners zelf.
De tekst van het werkboek vindt u op de website van
www.dementieprogramma.nl bij
dossiers.
Deze site is voor het laatst bijgewerkt op
23 mei 2005
Verwijzingen: NIZW, Medische Communicatie De Tijdstroom1996,
Brandsma Communicatie Groep
De bovenstaande informatie heeft
tot
doel de onderlinge communicatie, voor zowel de cliënt/
vertegenwoordiger als de hulpverlener op algemene wijze te verbeteren.
NB. De hierbij
vermelde gegevens zijn algemeen en vallen onder geen enkele verantwoordelijkheid van de
Clientenfamilieraad en of management van Evean Oostergouw